Waarom een BeweegPlek past bij moderne woonconcepten
Share
Waarom een BeweegPlek steeds vaker onderdeel wordt van moderne woonconcepten
Moderne woongebouwen zijn meer dan een verzameling woningen. Gezondheid, ontmoeting en gedeelde voorzieningen bepalen steeds nadrukkelijker hoe prettig en toekomstbestendig een woonomgeving is.
Wie een modern appartementencomplex of nieuw woonconcept bekijkt, ziet dat de aandacht niet meer uitsluitend uitgaat naar de woningen achter de voordeur. Ook de gedeelde leefomgeving krijgt een steeds belangrijkere rol.
Denk aan gezamenlijke tuinen, ontmoetingsruimten, werkplekken, deelmobiliteit en voorzieningen voor beweging en ontspanning. Een woongebouw wordt steeds vaker gezien als een omgeving die niet alleen onderdak biedt, maar ook kan bijdragen aan gezondheid, zelfstandigheid en contact tussen bewoners.
Een goed ontworpen BeweegPlek kan daarin een waardevolle functie vervullen.
Van woongebouw naar complete leefomgeving
Door de grote vraag naar woningen en de beperkte beschikbare ruimte wordt in Nederland steeds compacter gebouwd. Dat maakt de kwaliteit van gedeelde ruimten in en rondom wooncomplexen extra belangrijk.
Moderne woonconcepten bestaan daarom steeds vaker uit meer dan alleen afzonderlijke woningen. Gezamenlijke tuinen, ontmoetingsruimten, werkplekken en voorzieningen voor beweging dragen bij aan een aantrekkelijkere en meer complete leefomgeving.
In de corporatiesector worden ontmoetingsruimten nadrukkelijk gezien als een middel om sociale verbondenheid binnen een gebouw of wijk te versterken. Aedes benadrukt daarbij dat een gezamenlijke ruimte geen doel op zichzelf is. De inrichting, programmering en aansluiting bij de wensen van bewoners bepalen of een ruimte daadwerkelijk wordt gebruikt (Aedes, 2025).
Een BeweegPlek past logisch binnen deze ontwikkeling. Bewoners kunnen er zelfstandig gebruik van maken, terwijl de ruimte tegelijkertijd aanleiding geeft om elkaar op een natuurlijke manier te ontmoeten.
Gezondheid wordt onderdeel van woonkwaliteit
Een gezonde leefomgeving is belangrijk, omdat veel Nederlanders nog onvoldoende bewegen. De Gezondheidsraad adviseert volwassenen om iedere week ten minste 150 minuten matig intensief te bewegen, verspreid over meerdere dagen. Daarnaast worden minimaal twee keer per week spier- en botversterkende activiteiten aanbevolen (Gezondheidsraad, 2017).
Volgens het RIVM voldoet minder dan de helft van de Nederlandse volwassenen volledig aan deze beweegrichtlijnen. Een aanzienlijk deel van de bevolking beweegt wel, maar nog niet vaak, intensief of verspreid genoeg over de week (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu [RIVM], 2024a, 2024b).
Bewegen hangt samen met een lager risico op onder meer hart- en vaatziekten, diabetes en depressieve symptomen. Voor ouderen helpt voldoende beweging bovendien bij het beperken van het risico op botbreuken en lichamelijke achteruitgang (Gezondheidsraad, 2017).
De woonomgeving kan gezond gedrag ondersteunen. Een systematische literatuurstudie naar woonomgevingen met meerdere woningen laat zien dat voorzieningen voor lichamelijke activiteit op en rond een wooncomplex, gecombineerd met een veilige en uitnodigende omgeving, beweging kunnen bevorderen (Stappers et al., 2024).
- Bewoners hoeven niet eerst naar een externe sportschool te reizen.
- De voorziening is dichtbij en zichtbaar in de eigen woonomgeving.
- Bewegen kan eenvoudiger onderdeel worden van de dagelijkse routine.
- Bewoners zijn minder afhankelijk van vervoer of het weer.
De aanwezigheid van een BeweegPlek garandeert niet dat iedereen automatisch meer gaat bewegen. De nabijheid en toegankelijkheid maken de stap om te beginnen echter wel kleiner.
Een gezonde woonomgeving maakt bewegen niet verplicht, maar wel eenvoudiger, zichtbaarder en bereikbaarder.
Geen standaard fitnessruimte
Een BeweegPlek is meer dan een kamer met enkele fitnessapparaten. De inrichting moet passen bij de bewoners, het gebouw en de manier waarop de ruimte gebruikt gaat worden.
Een complex met jonge starters vraagt om andere mogelijkheden dan een woongebouw waarin voornamelijk senioren wonen. Ook binnen één complex kunnen verschillen in ervaring, conditie, mobiliteit en belastbaarheid groot zijn.
Door cardio, kracht, balans, mobiliteit en vrije bewegingsruimte te combineren, ontstaat een voorziening die niet alleen ervaren sporters aanspreekt. Ook bewoners die laagdrempelig meer willen bewegen, kunnen er op hun eigen niveau gebruik van maken.
De waarde zit daarom niet in zoveel mogelijk apparaten, maar in een overzichtelijke, veilige en uitnodigende inrichting die langdurig bruikbaar blijft.
Een inrichting voor verschillende doelgroepen
Een gevarieerde BeweegPlek kan bijvoorbeeld bestaan uit:
- Cardioapparatuur zoals een hometrainer, loopband of crosstrainer.
- Lichte losse gewichten, kettlebells en elastieken.
- Ruimte voor balans-, mobiliteits- en stabiliteitsoefeningen.
- Een vrije vloerzone voor stretching of functionele oefeningen.
- Begrijpelijke uitleg en een overzichtelijke indeling.
- Voldoende loopruimte en aandacht voor veilig gebruik.
De aanwezigheid van apparatuur alleen is niet voldoende. Een systematische review vond een verband tussen de beschikbaarheid van beweegapparatuur en intensieve lichamelijke activiteit of sport, maar wees ook op beperkingen in de kwaliteit van het beschikbare onderzoek. Bereikbaarheid, gebruiksgemak en het ontwerp van de omgeving lijken mede te bepalen of voorzieningen werkelijk worden benut (Wendel-Vos et al., 2007).
Het ontwerp moet daarom beginnen bij de bewoners en het gewenste gebruik, niet bij een standaardlijst met apparaten.
Een laagdrempelige plek voor ontmoeting
Een BeweegPlek heeft naast een gezondheidsfunctie ook een sociale kant. Bewoners kunnen er samen trainen, elkaar toevallig tegenkomen of tijdens het gebruik een kort gesprek voeren. Juist zulke kleine en herhaalde contactmomenten kunnen bijdragen aan de verbondenheid binnen een woongebouw.
Onderzoek in 113 appartementencomplexen onder meer dan duizend bewoners liet zien dat een hogere ervaren kwaliteit en een intensiever gebruik van gemeenschappelijke ruimten samenhingen met meer contact tussen buren en minder eenzaamheid. Een prettige ruimte wordt vaker gebruikt en dat gebruik schept vervolgens kansen voor contact (Kleeman et al., 2023).
Een systematische review naar wonen in hoogbouw concludeerde eveneens dat het type woning, de verdieping en gedeelde ruimten in een gebouw verband kunnen houden met sociaal welzijn en mentale gezondheid. Het is echter te stellig om te zeggen dat een gedeelde ruimte op zichzelf eenzaamheid voorkomt (Barros et al., 2019).
Een ruimte creëert mogelijkheden voor ontmoeting, maar bewoners moeten zich er wel welkom en veilig voelen. Zichtbaarheid, toegankelijkheid, sfeer en eventueel begeleiding of gezamenlijke activiteiten beïnvloeden het gebruik.
Meerwaarde voor bewoners, ontwikkelaars en VvE’s
Voor bewoners kan een BeweegPlek zorgen voor een voorziening dichtbij huis die bewegen eenvoudiger en toegankelijker maakt. Daarnaast kan de ruimte bijdragen aan contact tussen buren en aan een actievere woonomgeving.
Voor ontwikkelaars en vastgoedeigenaren kan zo’n voorziening helpen om een woonconcept duidelijker te positioneren. Het gebouw biedt dan niet alleen woningen, maar ook een herkenbare visie op gezondheid, leefkwaliteit en toekomstbestendig wonen.
Voor VvE’s kan een BeweegPlek een gezamenlijke voorziening zijn waarvan meerdere bewoners gebruikmaken. Daarbij is het noodzakelijk om vooraf praktische afspraken te maken over:
- Onderhoud en periodieke controle van de apparatuur.
- Schoonmaak en dagelijks beheer van de ruimte.
- Aansprakelijkheid en regels voor veilig gebruik.
- Openingstijden en toegang voor bewoners.
- Vervanging van materialen en toekomstige investeringen.
- Eventuele instructie of gezamenlijke activiteiten.
Een aantrekkelijke impressie bij de oplevering is niet genoeg. De voorziening moet ook na enkele jaren nog veilig, verzorgd en bruikbaar zijn. Onderhoud en beheer horen daarom vanaf het begin bij het concept.
Waar moet een goede BeweegPlek aan voldoen?
Een succesvolle BeweegPlek begint met een analyse van het gebouw, de doelgroep en het verwachte gebruik. De volgende vijf vragen helpen om tot een passende inrichting te komen.
Wie gaat de ruimte gebruiken?
Leeftijd, mobiliteit, ervaring, gezondheid, motivatie en persoonlijke voorkeuren zijn allemaal relevant.
Welke beweging moet mogelijk zijn?
Een combinatie van conditie, kracht, balans en mobiliteit maakt de ruimte geschikt voor een bredere groep.
Is de ruimte uitnodigend?
Daglicht, ventilatie, akoestiek en voldoende vrije ruimte beïnvloeden het comfort en de veiligheid.
Hoe wordt gebruik gestimuleerd?
Oefenkaarten, digitale uitleg of activiteiten met bewoners kunnen de eerste drempel verlagen.
Hoe wordt het beheer geregeld?
Er moet duidelijk zijn wie verantwoordelijk is voor onderhoud, schoonmaak, storingen en meldingen.
Klein in oppervlakte, groot in betekenis
Een BeweegPlek hoeft niet groot te zijn om verschil te maken. Met een slimme indeling kan ook een compacte ruimte mogelijkheden bieden voor conditie, kracht, mobiliteit en balans.
De grootste waarde zit niet noodzakelijk in het aantal apparaten, maar in de combinatie van bereikbaarheid, toegankelijkheid en een inrichting die aansluit bij de bewoners.
Daarmee is een BeweegPlek geen losstaande fitnessruimte, maar onderdeel van een bredere ontwikkeling: woongebouwen die niet alleen ruimte bieden om te wonen, maar bewoners ook helpen om gezond, zelfstandig en verbonden te blijven.
BeweegPlek ontwikkelt beweegruimten vanuit het gebouw én de mensen die er gebruik van gaan maken. Van concept en inrichting tot realisatie, onderhoud en beheer.
Bespreek de mogelijkheden →Bronnen
- Aedes. (2022, 17 juni). Woonzorgcomplex Aaron in Nijmegen ingericht op ontmoeting. Aedes.
- Aedes. (2025, 22 juli). Aan de slag met ontmoetingsruimtes? Gebruik de handreiking. Aedes.
- Barros, P., Ng Fat, L., Garcia, L. M. T., Slovic, A. D., Thomopoulos, N., de Sá, T. H., Morais, P., & Mindell, J. S. (2019). Social consequences and mental health outcomes of living in high-rise residential buildings and the influence of planning, urban design and architectural decisions: A systematic review. Cities, 93, 263–272. DOI.
- Gezondheidsraad. (2017). Beweegrichtlijnen 2017. Gezondheidsraad.
- Kleeman, A., Giles-Corti, B., Gunn, L., Hooper, P., & Foster, S. (2023). The impact of the design and quality of communal areas in apartment buildings on residents’ neighbouring and loneliness. Cities, 133, 104126. DOI.
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. (2024a). Inzicht in mensen die niet en weinig bewegen in Nederland. RIVM.
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. (2024b, 17 december). Deel Nederlanders beweegt voldoende, maar te weinig verspreid over de week . RIVM.
- Stappers, N. E. H., et al. (2024). Multi-family housing environment and physical activity: A systematic review of the literature. Journal of Physical Activity and Health. PubMed.
- Wendel-Vos, W., Droomers, M., Kremers, S., Brug, J., & van Lenthe, F. (2007). Potential environmental determinants of physical activity in adults: A systematic review. Obesity Reviews, 8(5), 425–440. DOI.